Dromen baby’s: wat er ’s nachts in dat kleine hoofdje gebeurt

Baby’s dromen waarschijnlijk wel degelijk. Volgens deskundigen brengen baby’s ongeveer de helft van hun slaaptijd door in de REM-slaap, de slaapfase waarin bij volwassenen dromen plaatsvinden. Ter vergelijking: bij volwassenen is dat maar zo’n twintig procent. Die opvallend lange REM-slaap bij baby’s roept de vraag op wat er precies in hun hoofd omgaat als ze slapen.

Wat is de REM-slaap bij baby’s?

REM staat voor Rapid Eye Movement. Tijdens deze fase bewegen de ogen snel onder de gesloten oogleden en is de hersenactiviteit hoog, vergelijkbaar met de activiteit tijdens het wakker zijn. Het is de fase die bij volwassenen sterk wordt gelinkt aan dromen. Bij baby’s neemt de REM-slaap dus een veel groter deel van de nacht in dan bij ons.

Pasgeboren baby’s slapen gemiddeld zo’n zestien uur per dag. De helft daarvan, zo’n acht uur, brengen ze door in REM-slaap. Die hoeveelheid neemt langzaam af naarmate een baby ouder wordt. Op de leeftijd van een jaar ligt het aandeel REM-slaap al dichter bij dertig procent. Wetenschappers denken dat de REM-slaap bij baby’s zo belangrijk is omdat de hersenen in deze fase enorm veel nieuwe verbindingen aanmaken. Het is als het ware de tijd waarin de indrukken van de dag worden verwerkt en opgeslagen.

Maar dromen baby’s echt?

Dit is de lastige vraag, want een baby kan je niet vertellen wat hij of zij heeft gedroomd. Onderzoekers zijn het er niet over eens of de REM-slaap bij heel jonge baby’s precies hetzelfde werkt als bij oudere kinderen of volwassenen. Sommige experts denken dat de hersenen van een pasgeborene nog niet ver genoeg ontwikkeld zijn om verhaalmatige dromen te produceren, zoals wij die kennen.

Wat waarschijnlijker is, is dat baby’s in hun slaap zintuiglijke ervaringen herbeleven. Denk aan geluiden, geuren, aanrakingen en gevoelens van warmte of honger. Of dat je dat “dromen” noemt of “verwerken” is een beetje een kwestie van definitie. Dat er iets gebeurt in die slapende hersenen, staat vrijwel buiten kijf.

De kleine bewegingen die je bij een slapende baby ziet, zoals trekkende mondhoekjes, een frons, wiebelige vingertjes of een grappig lachje, passen bij wat er in de REM-slaap gebeurt. Dat zijn geen tekenen van onrust, maar van een actief werkend brein.

Kunnen baby’s ook nachtmerries hebben?

Een echte nachtmerrie vraagt om een brein dat complex genoeg is om angstscenario’s op te bouwen. Of een baby van een paar weken oud daar al toe in staat is, weten we niet zeker. Wat wel kan voorkomen, zijn zogeheten nachtelijke onrustmomenten waarbij een baby schrikt, huilt of wakker lijkt terwijl hij eigenlijk nog slaapt. Dat heeft vaker te maken met de overgang tussen slaapfasen dan met een echte nachtmerrie.

Naarmate een baby ouder wordt en meer bewuste ervaringen opdoet, zoals een drukke dag, een nieuw gezicht of iets wat hem heeft geschrokken, neemt de kans op nachtelijk ongemak toe. Peuters en dreumesen lijken dan ook gevoeliger voor nachtmerries dan pasgeborenen.

Wat kun je als ouder doen?

Het goede nieuws is dat je weinig speciaals hoeft te doen. Een baby die in zijn slaap kreunt, trekt of even huilt, hoeft niet direct getroost te worden. Geef hem even de kans om zelf weer te zakken in een diepere slaap. Kom je toch kijken, doe dat dan rustig en zonder felle lampen aan te doen.

Een vaste slaaproutine, een vertrouwde slaapomgeving en voldoende rust overdag helpen baby’s beter te slapen. Niet omdat je zo dromen kunt voorkomen, maar omdat een goed uitgeruste baby soepeler door zijn slaapfasen heen gaat en minder snel schrikt wakker.

Het slapende leventje van een baby is dus veel actiever dan het er van buitenaf uitziet. Die lange REM-periodes zijn geen toeval, maar een onmisbaar onderdeel van hoe baby’s leren en groeien. Of ze daarin echt dromen zoals jij en ik dat doen, blijft een open vraag. Maar dat er van alles gebeurt achter die gesloten oogjes, staat wel vast.

Scroll naar boven